Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

K300 – Montagespanningen bij de bouw van geboorde tunnels

Algemene informatie

Auteur E.J. van der Horst
Uitgever CUR/COB
Uitgavedatum 17 november 1999
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Tunnels

Samenvatting

Sinds de metingen aan de Tweede Heinenoordtunnel en de voorbereidingen daarvan is (ook in Nederland) het begrip ‘montagespanningen’ in zwang geraakt. Onder montagespanningen worden verstaan de spanningen in de tunnellining die ontstaan vanaf het moment van inbouwen van de betonnen segmenten tot en met de verharding van het grout rondom de tunnellining. Het betreft dus niet uitsluitend het plaatsen van de segmenten zelf, maar het gehele traject van het plaatsen van de segmenten, het belasten door de vijzels, het uit...

Sinds de metingen aan de Tweede Heinenoordtunnel en de voorbereidingen daarvan is (ook in Nederland) het begrip ‘montagespanningen’ in zwang geraakt. Onder montagespanningen worden verstaan de spanningen in de tunnellining die ontstaan vanaf het moment van inbouwen van de betonnen segmenten tot en met de verharding van het grout rondom de tunnellining. Het betreft dus niet uitsluitend het plaatsen van de segmenten zelf, maar het gehele traject van het plaatsen van de segmenten, het belasten door de vijzels, het uit de TBM komen van de lining tot aan de eindsituatie waarin de groutschil verhard is. Het is mogelijk dat er hierna nog aan de montage gerelateerde effecten optreden, echter deze worden in deze studie niet beschouwd.
In de met name in Duitsland en Japan toegepaste berekeningsmethoden en –modellen is er altijd van uitgegaan dat een tunnel spanningsloos wordt ingebouwd waardoor de (grond)belasting in de eindsituatie maatgevend is voor het ontwerp. In de praktijk blijkt dat bijvoorbeeld het voortbewegen van de TBM, die zich afzet op de reeds gebouwde lining, alles behalve spanningsloos gebeurt en zelfs voor schade aan de lining kan zorgen. Metingen tijdens de bouw van de Tweede Heinenoordtunnel geven aan dat de maatgevende spanningen tijdens de montage kunnen ontstaan en dat de montagespanningen mogelijk ook grotendeels in de lining aanwezig blijven na afronding van het boorproces. Dit rapport geeft een overzicht van wat verstaan wordt onder montagespanningen, hoe hier in de tunnelbouwpraktijk mee omgegaan wordt en wat er bij aanvang van de K300- studie wel of niet bekend is over dit onderwerp met betrekking tot oorzaken en gevolgen van montagespanningen en eventueel methodes om deze te bepalen met behulp van rekenmodellen.

Gerelateerde documenten

Modelbeschrijving EEM modellen voor postdictieberekening grote boortunnelproef
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Modelbeschrijving EEM modellen voor postdictieberekening grote boortunnelproef

Auteurs:
C. v.d. Vliet
Uitgever: Projectorganisatie Hogesnelheidslijn-zuid
Uitgave: 30 juni 2000 | Geüpload op: 1 mei 2016

In het Stevin TI laboratorium van de Technische Universiteit Delft is in opdracht van Projectorganisatie HSL-Zuid, Projectorganisatie Betuweroute, TNO en TU Delft een proefopstelling van een deel van een boortunnel geplaatst. Deze modelbeschrijving is bijlage 2 van het postdictie rapport, maar is zo opgezet dat het ook los hiervan te gebruiken is.

Bekijk document
Bored tunnel lining behaviour in discontinuous rock
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Bored tunnel lining behaviour in discontinuous rock

Auteurs:
Daniel Dobrovinski
Uitgever: TU Delft
Uitgave: 25 maart 2020 | Geüpload op: 15 augustus 2021

In dit afstudeerproject is het gedrag van een geboorde tunnelconstructie gelegen in zeer abrupt wisselende geologie onderzocht.

Bekijk document
Groeiboek Digitaal aantonen
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Groeiboek Digitaal aantonen

Auteurs:
COB werkgroep Digitaal aantonen
Uitgever: COB
Uitgave: 20 december 2019 | Geüpload op: 20 december 2019

Dit groeiboek richt zich op hoe digitale middelen worden ingezet voor het verifiëren en valideren van het veilig functioneren van een tunnel.

Bekijk document
Comparison of static and transient face stability
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Comparison of static and transient face stability

Auteurs:
Carolina Lantinga
Uitgever: TU Delft
Uitgave: 19 maart 2018 | Geüpload op: 26 juni 2018

Afstudeeronderzoek van Carolina Lantinga (TU Delft) naar opbarstgedrag bij boringen met een gesloten boorfront. De RijnlandRoute is gebruikt als casestudy, waarbij zowel naar de theoretische als praktische aspecten is gekeken.

Bekijk document
L510 – Inventarisatie ontwerpmethoden boortunnels voor weg- en railverbindingen
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L510 – Inventarisatie ontwerpmethoden boortunnels voor weg- en railverbindingen

Auteurs:
Commissie L510 (COB)
Uitgever: COB
Uitgave: 1996 | Geüpload op: 6 september 2016

Dit rapport bevat een inventarisatie van ontwerpeisen en bijbehorende ontwerpmethoden voor boortunnels onder Nederlandse omstandigheden.

Bekijk document
Evaluatiefase B Zuid- en Noordbuis druk op- en afbouw over de TBM Axiale krachtenbalans
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Evaluatiefase B Zuid- en Noordbuis druk op- en afbouw over de TBM Axiale krachtenbalans

Auteurs:
S. Rodenhuis, R. Peters
Uitgever: Bouwdienst Rijkswaterstaat
Uitgave: 30 augustus 2002 | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit rapport beschrijft gedeelten van het boorproces tijdens het boren van de Botlekspoortunnel. De aspecten grondtransport, drukverloop en drukafbouw en axiale krachtenbalans staan in dit document centraal.

Bekijk document
COB AI